Internationale Vrouwendag

Vandaag is het Internationale Vrouwendag. Daarover heb ik gemengde gevoelens want:

  • Vrouwen bepalen de helft van de wereldbevolking en nog steeds is het nodig om aandacht te vragen om in vrijheid en gelijkheid te mogen leven. Dat feit alleen al zou je aan het denken moeten zetten.
  • Eén hele dag per jaar? Behandeling van gelijkheid zou een continu punt van aandacht moeten zijn.

Voor mij voelt Internationale Vrouwendag als een baby die gepamperd wordt.

Natuurlijk is er verandering gaande. Sinds 1956 zijn vrouwen in Nederland handelingsbekwaam voor de wet en dat was mede onder druk van de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen (NVVH)*. Vandaag de dag zijn er in Nederland meer meisjes die doorstuderen dan jongens. Dat zij al hun bekwaamheden krachtig mogen manifesteren. Het is mijn hoop en uitdrukkelijke wens dat zij voltooien waar al zolang naar gestreefd wordt. En wat mij betreft mag dat in hoger tempo dan tot nu toe gedemonstreerd. Zo gelijk we zijn in aantal, zo gelijk zijn we ook in capaciteit. Het glazen plafond (of vloer, het is maar net hoe je er tegenaan kijkt) zal ooit barsten en ook in andere dan werksituaties verdienen vrouwen een gelijke positie met dito rechten. Zoals mannen gecomplimenteerd mogen worden over de zorgtaken die zij verrichten.

Zolang 8 maart Internationale Vrouwendag is, blijft Mannendag een droom. Net zoals Kinderdag onzin is volgens mijn moeder want: ‘het is iedere dag kinderdag’.
Ziet u ook een overeenkomst?

 

* De NVVH heeft een naamswijziging ondergaan en heet tegenwoordig Koninklijk NVVH-Vrouwennetwerk. Voor meer informatie: http://www.nvvh.nl

 

Keuze

Onlangs had ik een sollicitatiegesprek. Na afloop heb ik lang nagedacht over het verloop ervan.
Ik had gesolliciteerd op een functie die – op basis van ervaring en kennis – onder mijn niveau ligt. De reden dat te doen lag voornamelijk in het aantal uur. Daarmee kon ik een combinatie creëren tussen werk en studie. Tegelijkertijd was er ook een inhoudelijk veel aantrekkelijker vacature met veel meer uren geplaatst. Ik vroeg me af of ik het gevraagde kon leveren. Kennelijk had het ontslag zijn sporen nagelaten.
De atmosfeer in het pand was prettig. Veel ramen en lichte vloerbedekking, bijna sereen. Het paste bij de stemming waarin ik me bevond. In een vergaderruimte afgestemd op de grootte van het gezelschap namen we plaats. Er werd een introductie gedaan door de HR manager en de projectmanager. Daarin stelde ik twee vragen waarvan ik al wist dat die misschien iets te intelligent waren voor de functie.
Na enige uitleg over een van mijn posities kwam de tegenvraag; waarom had ik van de twee beschikbare plaatsen nu juist op die ene gereageerd? En dus gaf ik het antwoord zoals gold bij mijn overweging toen ik de brief schreef.
Ik kan me vergissen, maar het leek erop alsof ik ook een mogelijk alternatief was voor de kandidaten die wél daarop hadden gesolliciteerd. En ja, ik wil die baan. Dat heb ik ook gezegd.
Kortstondig vroeg ik me nog af hoe ik dat dan ging doen met mijn studie. Daarna parkeerde ik die gedachte en focuste volledig op de mogelijkheid een hele leuke functie te veroveren.
Binnenkort hoor ik meer. Ze hadden al kandidaten geselecteerd voor de tweede ronde.
Het was ergens een opsteker te horen dat ik mezelf tekort had gedaan. Tegelijkertijd overviel een soort treurigheid. Juist om die reden. Voor de functie waarop ik had gereageerd, ben ik afgewezen. Overgekwalificeerd. Het is nu dus afwachten waarin de onverwachte wending tijdens het gesprek resulteert.
In verwarring verliet ik het kantoorgebouw. Want: wat wil ik nou eigenlijk? Die combi van werken en studeren? Of toch werken in een branche waarin veel gaande is en waarmee ik weer volledig in het arbeidsproces meedraai?
Mijn gesprekspartners hebben geen enkele zekerheid gegeven, dus temper ik de hoop. Ik verkeer een beetje in een soort niemandsland en bereid mij voor op een soort afscheid. Ofwel van een mogelijkheid op een leuke baan omdat ik de verkeerde beslissing heb genomen, ofwel van een situatie die ik heb omarmd maar waarvan ik ook altijd heb geweten dat het tijdelijk was.
In beide gevallen zal het slikken zijn.

Het verschil tussen lef en ….

Hier is het dan, de eerste tekst. Heel lang gewikt en gewogen of ik het zou doen, een blog beginnen.
Want waarom eigenlijk?

Hier is het dan, de eerste tekst. Heel lang gewikt en gewogen of ik het zou doen, een blog beginnen.
Want waarom eigenlijk? Wat is dat toch voor vreemde drang om je gedachten, vormgegeven in tekst of belevenissen te willen delen met publiek? Mensen die je kent en ook vreemden.
Wat moeten zij daarmee?
Je kan de vraag ook omdraaien.
Soms schrijf je iets waarvan je zou willen dat ook anderen het lezen. En vandaag de dag is publiceren  zo makkelijk zonder afhankelijk te zijn van anderen die bepalen of het goed genoeg is, of commercieel aantrekkelijk. De mogelijkheden zijn talloos. Waarom die laten liggen?
Met mezelf heb ik volledige vrijheid afgesproken. Concreet houdt dat in dat ik iets plaats over ieder onderwerp waarover ik wil schrijven en wanneer mij dat uitkomt.
Dus misschien gaat er na dit stukje wel een hele tijd overheen.
Ook laat ik Search Engine Optimisation (SEO) in mijn teksten achterwege. Hoog uitkomen in de statistieken van de blog-wereld of het hebben van vele volgers is voor mij geen doel.
Zijn lezers dan wel belangrijk? Zeker; daarvoor ben ik dit gestart. Maar zonder concessies. Deze schrijfsels zijn van mij, ontsproten uit mijn brein. En dus bepaal ik.
Ook dat is een kwestie van lef hebben.

Welkom bij Mirjam Mijmert.