Samenleving

Foto door Pixabay op Pexels.com


Wat mij raakt, is dat een band is gesmeed

Al een paar dagen speelt het woord of begrip ‘gemeenschap’ door mijn hoofd.
Dit komt door het koor waarvan ik lid ben; Singing Unlimited (SU). De reden om lid te worden, was weer te willen zingen, iets voor mezelf te doen. Dat laatste blijkt in de praktijk iets te zijn wat je samen doet: gezamenlijk een nummer instuderen en dat zo goed mogelijk, zuiver en vol gevoel zingen.
Wat mij raakt, is dat een band is gesmeed die de vereniging als geheel een sterke club maakt. Binnen dat grote geheel zijn er ook directe, korte lijnen ontstaan tussen diverse leden. Die sterke sociale cohesie is de kracht van SU. Het koor verbindt ons veel meer dan de paar uur per week die we samen zingen. Het blijkt een kleine gemeenschap te zijn, die onder andere dient als sociaal vangnet, om ongelooflijk veel plezier te hebben, een plek om los te raken van drukke agenda’s en een proeftuin is voor onvermoede talenten.
Dat kan alleen als je de omgeving veilig genoeg acht om je te durven tonen en uiten.
Die extra dimensie naast het zingen vind ik bijzonder. Het is een stimulerende omgeving die je zowel uit je comfortzone haalt om steeds en opnieuw het beste van jezelf te geven en er tegelijkertijd voor zorgt dat je dichter bij jezelf staat waardoor je stappen zet omdat je je sterk voelt. In de afgelopen jaren hebben diverse leden een ingrijpende beslissing genomen. Misschien dat ons koor, door repetitie, onze resultaten en de sociale verbondenheid een bijdrage heeft geleverd aan persoonlijke groei.
Boven alles is het fabuleus dat ruim een jaar na de invoering van beperkende maatregelen wegens COVID-19 nog steeds iedereen lid is en dat de online repetities een hoge aanwezigheid kennen. Mensen missen elkaar. Iedereen snakt ernaar om weer sámen te zingen en díe energie te voelen. Als het zien van beelden van eerdere repetities al tot tranen roert, dan is het live nog mooier.
Voordat ik helemaal afdwaal en dit schrijven een lyrisch Singing Unlimited hoogtepunt wordt; mijn gedachten betroffen vooral dat het koor ons zoveel meer bindt en brengt dan alleen zingen. Het gaat er ook om wat we nastreven, op welke manier we dat doen, de zorg voor elkaar en dat we elkaar respecteren. In essentie de vertaling van een veilige samenleving.
En precies dat hele pakket wat onze vereniging heeft en geeft, is wat ik iedereen gun: een hele mooie samenleving.

Liever luisteren?

Beroofd

Foto door Daniel Abbatt op Pexels.com


Opdat we nooit vergeten

Beroofd

Steeds verbaasd over volgzaamheid en naïviteit
omstandigheden bagatelliseren waarin ze verkeren
afgenomen vrijheden, als kostbare bezittingen bewaakt
door zwaar bewapende soldaten verstopt achter prikkeldraad.

Lijsten, uitzonderingen en Sperren die valse hoop geven
waarin je gelooft om te overleven.
Meewerken wekt de minste weerstand,
beroofd van idealen. Beroofd van je verstand.

Toen moesten ze, verder weg dan ze ooit konden
bedenken, dat veewagens symbool stonden
voor hoe ze werden behandeld en gezien
hadden slechts enkelen een vermoeden misschien.

Steeds verbaasd over volgzaamheid en naïviteit
van afgenomen vrijheden en waardigheid
Meewerken wekt de minste weerstand
beroofd van idealen, beroofd van je verstand.

Liever luisteren?

De boekentas voor mevrouw Taekema


Veel van de brieven hadden dezelfde strekking.
Hij was echt boos over het onrecht en de
omstandigheden in het kamp.

Dit jaar organiseerde Bibliotheek IJmond-Noord een schrijfwedstrijd met als titel “De boekentas voor mevrouw Taekema”. Een andere deelnemer heeft gewonnen. Dit is mijn inzending met aan het einde een twist. Het verhaal past in deze periode.
Leestijd: ongeveer 6 minuten.

De boekentas voor mevrouw Taekema

Sjors kwam binnen vlak voordat hij moest beginnen. Net op tijd komen was het enige dat niet veranderd was.
Haar kleinzoon volgde bij haar zijn online-lessen. Hij werd gek van het thuiszitten. Het was maar voor een paar uur per dag, zijn lessen duurden maar een half uur.
“Hoe laat begin je?” Had mevrouw Taekema gevraagd.
“Op dinsdag, woensdag en donderdag om half negen. Op maandag en vrijdag om negen uur.”
“Dan ben ik misschien net wakker Sjors.”
“Jij hoeft niet naar school”, had hij grinnikend geantwoord.

In de derde week dat Sjors bij zijn oma kwam, vroeg hij wat er in het koffertje zat dat naast de leunstoel stond. Iedere dag zag hij het staan en zijn nieuwsgierigheid werd steeds groter.
Hij overviel mevrouw Taekema met zijn vraag want hij zag dat ze schrok. Zijn oma had geantwoord dat het daar maar voor de sier stond.
De volgende dag was mevrouw Taekema erop teruggekomen. Ze had er slecht van geslapen; dat ze haar kleinzoon ontwijkend had geantwoord en omdat de inhoud van het koffertje zoveel verdriet bevatte. Slechts een keer had ze het geopend.
Ze vertelde hem dat het correspondentie tussen haar vader en moeder bevatte. In de Tweede Wereldoorlog was een Joodse jongen bij hen ondergedoken. Ze werden verraden, de jongen werd doodgeschoten en haar vader afgevoerd naar Kamp Westerbork waar hij in de gevangenis terechtkwam. Omdat ze twee kleine kinderen hadden, werd haar moeder gespaard. Haar vader had het niet overleefd.
Vol verbazing luisterde Sjors naar zijn oma. Nog nooit had iemand hier iets over verteld. Hij hoorde hoe haar stem brak, toen ze erover sprak. Ineens leek ze broos, terwijl ze anders altijd zo hip en krachtig was.
“Mag ik het zien?’, vroeg hij zacht. Mevrouw Taekema knikte. “Wat zwaar”, zei hij en ging naast zijn oma op de bank zitten. Voorzichtig, alsof hij een schatkist opende, lichtte hij het deksel. Zijn ogen zagen keurig geordende rijen enveloppen en briefkaarten. Sjors durfde het nauwelijks aan te raken, bang om iets te beschadigen, totdat zijn oma hem aanmoedigde een brief te pakken. Met veel moeite las Sjors wat er geschreven stond. “Alle pakketten heb ik in goede orde ontvangen. Er is niets uit. Gelukkig maar want ik heb zo’n honger.” Sjors keek zijn oma aan. Dit was heel heftig. Daar wilde hij meer van weten. Ze hadden afgesproken dat Sjors de koffer mee naar huis nam om de familiegeschiedenis te leren kennen.
Wel had mevrouw Taekema hem gewaarschuwd: “Je mag me alles vragen, en je mag er net zo lang over doen als je wilt. Denk erom; het is geen Fortnite. Weet waar je aan begint.”
De lege plek naast de leunstoel was meer dan symbolisch.

Na de lessen lunchten ze vaak samen en dan vertelde Sjors wat hij had gelezen en wat dat met hem, een zestienjarige puber, deed. Veel van de brieven hadden dezelfde strekking. Hij was echt boos over het onrecht en de omstandigheden in het kamp. Het gebrek aan eten, dat echtparen in aparte barakken kwamen, dat je met meer dan tweehonderd mensen een barak deelde, dat er geen verwarming was en nauwelijks sanitaire voorzieningen. De huivering van weer een transport. Steeds verder dook hij in de geschiedenis. Zo had hij de website van Kamp Westerbork bezocht en leerde dat het kamp na de oorlog nog twintig jaar als repatriëringskamp voor Indische Nederlanders had gediend. Het had hem verbaasd en dacht daar het zijne van.
“Misschien kan ik in de bibliotheek boeken lenen die meer vertellen over Kamp Westerbork”.
“Weet je zeker dat je dat wilt?” Mevrouw Taekema legde liefdevol haar hand op die van haar kleinzoon. Had ze er goed aan gedaan hem dit te laten lezen? Ze zag zijn worsteling terwijl ze had gehoopt dat het hem minder zou raken, omdat hij jong was en er verder vanaf stond.
Ze moest iets doen, ze moest hem helpen.
“Ik ben ook lid van de bibliotheek. Laat mij maar zoeken Sjors. Ik weet wat je nodig hebt.”

“Is dit echt de boekentas voor mevrouw Taekema?”, vroeg de bibliotheekmedewerker. Haar collega knikte.
Toen ze op de afgesproken tijd haar bestelling kwam ophalen zei de medewerker; “Dat is nog eens heel ander leesvoer, mevrouw Taekema”. Ze lachte en liep opgelucht terug naar huis.
Haar tas vol stripboeken voelde heel licht.

Liever luisteren?

Twinkeling

Foto door Mathias Celis op Pexels.com


de diepbruine kleur met die schittering

Een combinatie van factoren, zoals dat meestal gaat
maakten haar wat stil en vlak
en nu; ze sprak en sprak en sprak,
die zalige ontspanning, wanneer je iets laat.

Daarvoor in de plaats, kwam wat ik had gemist
het laissez faire en de twinkeling
de diepbruine kleur met die schittering
het past haar zo goed; duidelijk en onbetwist

Pas toen ik het haar zei
ergens midden in de nacht
(kies je moment, hier was over nagedacht)
draaide ze zich om; voor altijd samen
Ik met jou en jij met mij.

Liever luisteren?

Polderdichter!


Ik wil iedereen die liefde en gevoel heeft voor poëzie, dichten of taal uitnodigen om aan deze wedstrijd mee te doen.

Polderdichter!

Zo heette mijn blog op 1 februari 2018. Dat was mijn eerste dag als allereerste Polderdichter Haarlemmermeer. Deze week staat mijn allerlaatste interview als Polderdichter in de lokale krant. Onder andere vanwege corona was de verkiezing voor een nieuwe Polderdichter uitgesteld.
Nu is het dan eindelijk zover. In mijn nieuwe rol als jurylid hoop ik dat er veel gedichten, in alle soorten en maten, worden ingestuurd. Ik ben er trots op dat het een vervolg krijgt, omdat daarmee is aangetoond dat het ambt van Polderdichter een bijdrage levert aan de cultuur in onze gemeente. Op naar de tweede editie van Polderdichter Haarlemmermeer!

Artikel in HC Nieuwsblad en Witte Weekblad van 14 april 2021

Word de nieuwe Polderdichter van Haarlemmermeer

“Het waren twee fantastische, leerzame jaren.”
De Bibliotheek en de gemeente Haarlemmermeer zijn op zoek naar de nieuwe Polderdichter van Haarlemmermeer. In 2018 werd deze wedstrijd gewonnen door Mirjam Noach. Afgelopen twee jaar heeft zij mooie gedichten geschreven voor onder andere de Bibliotheek en de gemeente. Deze gedichten zijn nu gebundeld in een boek. Noach is met veel plezier Polderdichter geweest en is er nu klaar voor om het stokje over te dragen.
Iedereen mag meedoen aan de wedstrijd. ‘Oud’ Polderdichter Noach zit in de jury. “Iedereen die iets met dichten doet, van klassiek tot spoken word of rap, alles is goed. Ik let er vooral op of iets inhoud heeft en of iemand passie heeft. Daarnaast moet je je wel verbonden voelen met de gemeente.”
Noach vertelt dat je verschillende opdrachten krijgt als Polderdichter. “Ik kreeg opdrachten vanuit de Bibliotheek en de gemeente, maar ook vanuit het Haarlemmermeermuseum de Cruquius en Landgoed de Olmenhorst. Daarnaast heb ik geschreven voor Stichting Maatvast en Probiblio. Het aller moeilijkste maar ook het leukste klusje was tijdens het ‘Groene Loper Festival’. Bezoekers konden een naam of onderwerp opschrijven en daar moest ik ter plekke een gedicht over schrijven op een oude typemachine. Toen heb ik in twee uur tijd meer dan 20 gedichten geschreven. Het was erg spannend, maar heel bijzonder.” Noach vond Polderdichter zijn ook erg leerzaam. “Overal waar je komt, doe je ervaring op en dat is altijd positief. Je leert veel van en over de gemeente en je kijkt er op een andere manier naar.”
Mirjam Noach heeft in twee jaar tijd als Polderdichter veel gedichten geschreven. Toch zijn er een aantal gedichten die een speciaal plekje in haar hart hebben. “Een hele eer was toen ik mocht schrijven voor de samenvoeging Haarlemmermeer, Haarlemmerliede en Spaarnwoude op 1 januari 2019. Er zaten allemaal voorwaarden aan vast maar het was gelukt. Ook mocht ik het gedicht voordragen op het Raadhuisplein met veel publiek. Dat was heel tof.” Een van de eerste opdrachten vanuit de Bibliotheek was de ‘Woordcollecte’. Er stonden allemaal kleine collectebusjes in de Bibliotheek waar mensen verschillende woorden in konden doen. Daar moest Mirjam een gedicht over schrijven. “Meer dan 100 woorden en dan daarvan iets goeds maken is een uitdaging. Maar het lukte en het sloeg ook ergens op, supertof! Het is onwijs leuk om Polderdichter te zijn. Zo mocht ik ook op 4 mei een gedicht voordragen in de Raadzaal. Heel bijzonder.”
Poëzie is altijd belangrijk. “Het mooie is dat wanneer je de tijd ervoor neemt om het te lezen, het gedicht jou als lezer, aanzet tot nadenken. Iedereen is vrij om zijn eigen interpretatie eraan te geven. Nu is het een gekke tijd, er gebeurt veel. Met weinig woorden kan je veel meegeven aan de wereld”, aldus Noach.
Noach: “Ik wil iedereen die liefde en gevoel heeft voor poëzie, dichten of taal uitnodigen om aan deze wedstrijd mee te doen. Het levert je onwijs veel op, is heel leerzaam en je ontmoet veel mensen. Als taal je liefde is, dan wíl je Polderdichter genoemd worden.” Ze wil de nieuwe Polderdichter meegeven dat je altijd bij jezelf moet blijven. “In opdracht schrijven is anders dan wanneer het uit jezelf komt. Maar als je altijd bij jezelf blijft en schrijft vanuit je hart, komt het altijd goed.”
Aanmelden doe je zo:

Lever twee zelfgeschreven gedichten aan.

Maak een video waarin je jezelf kort voorstelt en één van je gedichten voordraagt.

Schrijf een korte motivatie waarom jij de nieuwe Polderdichter wil worden.

Stuur je gedichten en video vóór 14 mei
via WeTransfer naar
aanmelden@debibliotheekhaarlemmermeer.nl

Kijk voor meer informatie op
http://www.debibliotheekhaarlemmermeer.nl

Liever luisteren?

Drie kleine kinderen

Foto: Maaike Pannekoek-Hänschen

Ze gaan met vrolijkheid strooien, blazen je zorgen weg.

Nog even staan ze stil bij het heden
daarna rijden zij de toekomst in.
Zij, eigenwijs en vastberaden,
gaan het heel anders aanpakken.
Zij weten hoe mooi de wereld is,
welke avonturen je kunt beleven.

Ze gaan met vrolijkheid strooien
de wereld met slingers bekleden.
Ze blazen je zorgen weg en laten je weten
dat er genoeg is voor iedereen,
als ook jij de tijd neemt
voor wat jou is gegeven.

Liever luisteren?

Fantasie en werkelijkheid


De bomen fluisteren en de vogels fluiten.

Hoe verder weg ik van de weg geraakte,
des te meer fluisterden de bomen mij toe.
“Maar hoe kan dat dan?” Vroeg ik.
“Jullie zijn bijna helemaal kaal.”
“Ach, je weet toch”, fluisterden ze,
“dat hoge bomen veel wind vangen.”

Terwijl ik op de zachte ondergrond loop, met het autogeraas in mijn linker- en vrolijke flierefluiters in mijn rechteroor, schiet ineens te binnen wat een vriend mij ooit zei.
“In Nederland is het nergens stil.” We zijn er zo al zo aan gewend dat het nauwelijks meer opvalt.
Rustig dwaal ik verder in deze oudheid waar minutenlang geen hond te bekennen is. De bomen fluisteren en de vogels fluiten. De beslotenheid van het bos dat ooit als eerste strandwal is gevormd en nu ingesloten ligt tussen wonen en werken, is een sprookjesomgeving waar je een andere dimensie bereikt en buiten de werkelijkheid lijkt te treden. Geestverruimend.
Het gevoel blijft bij me als ik naar huis fiets, de brug passeer en het betonnen fietspad bereik met het meanderend stroompje in weidelandschap. Daar zie ik zowel de zon als de maan aan de hemel. Staan die twee altijd recht tegenover elkaar? Nog in de betovering van het bos, kruis ik de drukke N-weg op weg naar de woonwijk, modern en ruim van opzet, ingericht op de toekomst. Het heeft iets hartelijks. De openheid straalt uit dat iedereen welkom is in het nu.
Met een schok constateer ik dat deze toegangsweg naar het heden, mij direct heeft losgerukt van het bosrijke verleden achter mij.
Twee totaal verschillende sferen op een afstand van nog geen twintig minuten fietsen.
Dat is net zo als binnen en buiten, drukte en stilte, beton en mos, fantasie en werkelijkheid.

Liever luisteren?

Machinerie

Foto door Pixabay op Pexels.com


Hoeveel gaat het jou opleveren als je mag doen en laten wat je wilt, als je de middelen hebt om te doen en laten wat je wilt.

En wat als het altijd zondag is? Als de benaming van de dag er niet meer toe doet omdat dagen in elkaar overvloeien, voor jou geen deadline meer geldt of een starttijd waarop alle systemen als vanzelfsprekend in werking treden en de radertjes van eenieder ineen scharnieren zodat de een de ander voort- of aandrijft.

Wat als je buiten werking bent gesteld. Je dienstjaren zitten erop of jij was aan vervanging toe. Misschien hebben ze een nieuw exemplaar op de kop getikt, die een veel luxer uitvoering bleek en jij was al de verbeterde versie van die daarvoor.
Wat als het nou eens heerlijk is dat je niet langer dat radertje bent en zelf bepaalt wat je allemaal laat wachten omdat je toch zeeën van tijd hebt?
Als je ondervindt dat waar de machinerie zich druk om maakt, minder relevant blijkt te zijn als je van de zijlijn toekijkt en merkt dat alles gewoon doordraait en dit in plaats van angst, opluchting schept.

Hoeveel gaat het jou opleveren als je mag doen en laten wat je wilt, als je de middelen hebt om te doen en laten wat je wilt.
Als in die zee van tijd een energiebom barst, die golven en stormen voortbrengt waarin jouw creativiteit eindelijk tot uitspatting komt waar het eerder bij borrelend wensdenken bleef omdat je onderdeel was van die continubeweging.

Zou je terugverlangen naar de tijd waarin jij je bijdrage leverde aan die beweging, omdat je daarin ook een stimulans vond, omdat je wordt uitgedaagd mee te gaan in de ontwikkeling die altijd in ontwikkeling is? Als je daarbuiten raakt, sta je misschien stil en zoals dat gaat met machinerie; die roest vast. Of heb je een plan en ben je erop voorbereid bezig te blijven?

Het lijkt mij heerlijk, dagen die in elkaar overvloeien alsof het altijd zondag is. De machine volledig geautomatiseerd op volle toeren laten draaien, zoals een wasmachine is voorgeprogrammeerd om het vuile werk op te knappen.
Dan trek ik me terug in mijn eigen machinekamer waar alles onophoudelijk staat te stampen en continu verbindingen produceert. Waarvan die ene bruikbaar blijkt in de volgende stap naar realisatie van dat verdergelegen doel.

Liever luisteren?

Containerbegrip


Het sprookje werd bewaarheid en dat op zich is een wonder.

Een klein levend wezen in jouw leven terwijl je nog nauwelijks je eigen leven hebt kunnen leven. Verantwoordelijkheid die eerder al eens werd genegeerd, met een uitkomst onmogelijk te dragen omdat je geen weet hebt waar of hoe te beginnen. Deels adolescent en grotendeels je bevindend in de puberale kosmos waarin alles mogelijk is totdat het onmogelijke zich voordoet.

Hebben ze stiekem de stille hoop gehad dat ze niet zou vallen? Dat iemand haar daar zou vinden, hun doodgewaande baby, in de metalen trommel als wieg waarin ze veilig opgeborgen lag, beschermd tegen de kou, gewikkeld in een gele plastic tas, hopend dat ze weer tot leven zou worden gewekt, omdat je altijd tegen beter weten in hoop blijft houden en wil geloven in het sprookje dat uiteindelijk alles goedkomt.

Het sprookje werd bewaarheid en dat op zich is een wonder; de vertelling die je niet verzint omdat de gedachte erachter te gruwelijk is om op te schrijven. Je van je kind ontdoen door het weg te gooien in een afvalcontainer; dit is de daad en het verhaal dat zij voor de rest van hun leven meedragen, hen zal tergen met de vraag waarom ze hiervoor hadden gekozen.
Zij, het kleine ding in de gele tas, heeft nog een heel leven voor zich.

Zij werd gevonden nadat ze was gestort en huilde om haar redder te waarschuwen dat de val haar niet had gebroken; integendeel, dat dit pas het begin was van een duizelingwekkende start.
Het valt nog te bezien hoe deze onverwachte wending en escapade uit dat wat tot mislukking gedoemd was, zich zal ontwikkelen. Blijft ze voor altijd gedumpt of wordt zij het containerbegrip van ongekende mogelijkheden als je op het juiste moment zwijgt of van je laat horen.

Liever luisteren?

Alsof de tijd had stilgestaan

Foto door Rachel Claire op Pexels.com

Het was een mooie rit geweest, vol fijne indrukken.

Op twee totaal verschillende tijdstippen exact hetzelfde tafereel zien, op een bijna geheel kale plek, is verbazingwekkend.
Ooit stond op die lege plek een in verval geraakte bungalow met een flink stuk grond eromheen. De woning is gesloopt en er komen maar liefst twee grote vrijstaande huizen voor terug.
Het slopen was in een mum van tijd gerealiseerd, net zoals de verkoop van de grond. Het zand dat tijd nodig heeft om in te klinken, was nog voor de winter gestort.
Nu het weer heel prettig is om door de polder te fietsen, kwam ik er onlangs voorbij. Er staat een tuinhuis. Zo’n zwartgelakt ding met houtkleurige omlijsting. Prachtig. De eigenaars hebben het rechts achter in de hoek geplaatst, tegen de erfafscheiding aan.
Daar kwam ik aangefietst uit het park. Nog een kleine drie kilometer, dan was ik thuis. Het was een mooie ontspannen rit geweest, vol fijne indrukken.
Er stonden stoelen voor het tuinhuis en er zaten en stonden mensen in de voorjaarszon. Dit waren zeker de toekomstige bewoners, die alvast van hun plekkie gingen genieten.
Een week later, andere fietsroute zelfde parkuitgang.
Het kavel ziet er precies hetzelfde uit. Het zand nog strak en onaangetast. Zelfs het plaatje met het tuinhuis, de stoelen en de mensen in de zon is identiek. Alsof je voor de gek wordt gehouden, je gaat bijna aan jezelf twijfelen of je dit echt al eerder hebt gezien. En terwijl ik doorrijd denk ik; afgelopen week is er van alles gebeurt op de hele wereld waarover wij ons druk maakten, maar op dit plekje heeft de tijd voor tenminste een week, stilgestaan.

Liever luisteren?