Hoop

Afgelopen woensdagavond keek ik twee programma’s die we hadden opgenomen op 14 oktober (Sobibor het kamp dat niet bevrijd werd en Er reed een trein naar Sobibor). Op die datum, 77 jaar geleden, brak daar opstand uit. De uitzendingen wilde ik zien omdat ook mijn opa daar is vergast (de opa uit het gedicht Vrijheid: Met mijn hand op zijn schouder/Kijkend naar de blauwe lucht/Dacht ik aan hen/Oma/En de opa/Die ik slechts uit verhalen ken).
Beide programma’s stonden in het teken van Jules Schelvis; een van de achttien mensen die dit vernietigingskamp heeft overleefd.
De waanzin van dat systeem. Het wegkijken van mensen. “We zaten in volgepakte trams en de mensen stonden rijen dik langs de kant te kijken. Niemand greep in”, sprak hij.
Over het Internationale Rode Kruis dat zich de hele oorlog ver weg heeft gehouden van de kampen. De mensen in de kou heeft laten staan. Precies wat mijn vader zei.
En ik moest denken aan het Holocaust Namenmonument. Het kunstwerk van Daniël Liebeskind dat eindelijk, zo lang na de oorlog en na veel protest van omwoners, er tóch komt. Amsterdammers. Wat is er eigenlijk zo heldhaftig, barmhartig en vastberaden aan hen? Ah natuurlijk, de Februaristaking van 25 februari 1941, de aanleiding voor dit devies. En wat deden ze na die datum?
Nog steeds vraag ik me af hoe het heeft kunnen gebeuren dat 6 miljoen mensen zijn vermoord omdat ze Jood waren. Hoezo? Wat gebeurt er in je verstand om daadwerkelijk te menen dat Joden dood moeten? Ik snap er niks van. Helemaal niks. Het is en blijft walgelijk.
Wij mensen denken reteslim te zijn, maar we zijn te stom om voor de duvel te dansen. Anders zouden we tenminste hebben geleerd verdraagzaam te zijn naar elkaar.
Vergelijk ons eens met de dierenwereld. Dieren doden omdat ze moeten eten. Ze slapen, jagen, vreten en gaan weer slapen. Er is geen bezit, ze verlangen niet naar meer. Er is een duidelijke hiërarchie. Er is niks zieligs aan de jacht van het ene dier op het andere. Zielig is hoe mensen proberen over een ander te heersen, hoe ze elkaar doden, uitmoorden of proberen te hersenspoelen. Ik noem nog maar eens China en de Oeigoeren. Hoe kan het dat dit gebeurt? En hoe reageert de wereld? Niet. Af en toe berichtgeving erover in een krant, maar er is nog geen regering die heeft gezegd: dit kan niet. Dit moet onmiddellijk stoppen.
We kijken toe. Opnieuw.
Gelukkig heeft Forum voor Democratie zichzelf deze week zo goed als opgeheven.
Is er toch nog hoop.

Liever luisteren?

Herfst 2020

Een herfstig park op een na-ochtend
roodbruine en gouden bladeren overal
dauwglinsterend gras schittert je tegemoet
een beige-suède koe graast bovenop de wal.
Onvoorbereid op deze beelden
maakte me idioot blij
zo reed ik de zon tegemoet
vrolijk, onbevangen en vrij.

Liever luisteren?

Foto door Magda Ehlers op Pexels.com

Verzet

Persbericht van Haarlemmermeermuseum De Cruquius:

“Verhalenpaal VERZET krijgt op 4 mei gedicht van Polderdichter Haarlemmermeer

Cruquius 4 mei 2019 – Vandaag, ter ere van Nationale dodenherdenking, krijgt Verhalenpaal VERZET een eigen gedicht van Polderdichter Mirjam Noach.
Haarlemmermeermuseum De Cruquius vroeg Noach gedichten te schrijven voor vier Verhalenpalen van het Buitenmuseum. In december 2018 kreeg de Verhalenpaal 07- SPADE bij de Ringvaart, monument van dat jaar, het 1e gedicht.
Na een oproep in de krant nomineerde het publiek Verhalenpaal 05 – VERZET voor het 2e gedicht. De paal markeert de heldhaftige inzet van de Familie Boogaard, die in WOII met gevaar voor eigen leven vele onderduikers opvingen.
Noach: “Als je weet waaruit iets is ontstaan, dan komt het begrip.”
Lees op https://www.haarlemmermeermuseum.nl/05-verzet het gedicht.”

 

Verzet

Jouw weigering mee te gaan
in de opgelegde moraal van uitsluiting.
Door de bezetter
met zijn weerzinwekkende ideologie.
Jij verzette je ertegen
bood tegenstand
door de verstotenen op te vangen.

Ze zijn er, de mensen die kunnen vertellen
wat jij voor hen hebt gedaan.
Dat ze het hebben overleefd.
Dankzij jou. Zelf heb je het onderspit gedolven
het verschrikkelijke lot tegemoet
waartegen je zo had gestreden.

Laat ons stilstaan
bij hen die hier verzet boden.
Zoveel meer dan alleen een schuilplaats.
Net zoals jouw innerlijke revolutie
zoveel meer was dan alleen Verzet.

Vrijheid

Dit jaar ben ik opgenomen in het officiële Dodenherdenkingsprogramma van de Gemeente Haarlemmermeer. Daar mag ik als Polderdichter mijn gedicht ‘Vrijheid’ voordragen in de Burgerzaal van het Gemeentehuis. Geschreven in 2015, tijdens de laatste keer dat ik samen met mijn dierbare vader de herdenking in Aalsmeer bijwoonde, is deze voordracht in meerdere opzichten een eerbetoon.

 

Vrijheid

Met mijn hand op zijn schouder,
kijkend naar de blauwe lucht,
dacht ik aan hen.
Oma,
en de opa,
die ik slechts uit verhalen ken.
Aan al die anderen.
‘Ik denk altijd aan ze
daarvoor hoeft het geen vier mei te zijn.’
Zegt mijn vader.

Straks zal ik dansen en zingen,
in regen, zon en storm.
Om te vieren,
dat ik kan zijn, wie ik ben.
Met mijn voorkeur,
en mijn achtergrond.
‘Ik ben me altijd bewust van mijn vrijheid,
daarvoor hoeft het geen vijf mei te zijn.’
Zeg ik mijn vader.

 

2015-09 Haarlem met papa