Gaan

foto: jeltedeboer.nl


Het laatste stukje wind mee was de beloning.

Het was magisch.
De afslag landinwaarts, op weg naar huis toen ik meer dan zestig kilometer had weggetrapt, voelde als een verademing. Het laatste stukje wind mee was de beloning. Trots dat ik eindelijk deze ronde helemaal had volbracht. Naast de prestatie, was het vooral een ervaring. Voor herhaling vatbaar.

De Ringvaart fietsen is meer dan alleen een prestatie. Je fietst een stuk trots. Het rondrijden van land dat ooit water was. Deze gemeente is ontstaan omdat het water, dat steeds meer land verwoestte, moest worden bedwongen. Deze gemeente is ontstaan door vakkundigheid, hoogstaande techniek en door het verrichten van rauwe, harde en smerige arbeid. Duizenden Polderjongens, (jonge)mannen komend uit heel Nederland, hebben meer dan 150 jaar geleden met alleen een schep in hun zwarte en eeltige handen, verblijvend in woon- en leefomstandigheden om van te huilen, waar in armoe en met ziekten de tering naar de nering werd gezet, een vaart gegraven zodat daarna de vier gemalen het water uit de drie meren konden leegpompen.

Met die ontstaansgeschiedenis in mijn achterhoofd reed ik ruim drie uur met het water aan de ene kant en de polder in alle verschijningsvormen aan de andere kant. Van iedere minuut heb ik genoten.
Het trage van de akkers en de weilanden met koeien en schapen, de bloemrijke natuur volop in bloei, het glimmende, wereldse van Schiphol, de huizen langs de dijk, de bootjes op het water.
De stilte in je hoofd omdat je alleen rijdt. De roes van het ritme waarin je de trappers laat rondgaan, de volmaakte eenheid tussen hoofd en lichaam. Alsof je in een andere dimensie raakt.
Voor mij was het een uitdaging. Lange einden door de polder rijden had ik al vaker gedaan. De wens om de verbindende ring te fietsen vormde zich geleidelijk. Steeds had ik de monumentale ronde uitgesteld. Te groot, te lang, teveel wind tegen. Op het fietsen van de Ringvaart moest ik mij mentaal voorbereiden.

Het was een mooie vrije dag. Beetje bewolkt, beetje fris en bijna windstil. Onverwacht zijn de omstandigheden zo gunstig dat ik alles liet vallen en besloot: vandaag gaat het gebeuren. Ik smeerde een broodje, vulde een fles met water en nam een appel mee voor onderweg. Zonder te weten hoe lang ik erover zou doen, stapte ik op de fiets en ging.

Liever luisteren?

Alsof de tijd had stilgestaan

Foto door Rachel Claire op Pexels.com

Het was een mooie rit geweest, vol fijne indrukken.

Op twee totaal verschillende tijdstippen exact hetzelfde tafereel zien, op een bijna geheel kale plek, is verbazingwekkend.
Ooit stond op die lege plek een in verval geraakte bungalow met een flink stuk grond eromheen. De woning is gesloopt en er komen maar liefst twee grote vrijstaande huizen voor terug.
Het slopen was in een mum van tijd gerealiseerd, net zoals de verkoop van de grond. Het zand dat tijd nodig heeft om in te klinken, was nog voor de winter gestort.
Nu het weer heel prettig is om door de polder te fietsen, kwam ik er onlangs voorbij. Er staat een tuinhuis. Zo’n zwartgelakt ding met houtkleurige omlijsting. Prachtig. De eigenaars hebben het rechts achter in de hoek geplaatst, tegen de erfafscheiding aan.
Daar kwam ik aangefietst uit het park. Nog een kleine drie kilometer, dan was ik thuis. Het was een mooie ontspannen rit geweest, vol fijne indrukken.
Er stonden stoelen voor het tuinhuis en er zaten en stonden mensen in de voorjaarszon. Dit waren zeker de toekomstige bewoners, die alvast van hun plekkie gingen genieten.
Een week later, andere fietsroute zelfde parkuitgang.
Het kavel ziet er precies hetzelfde uit. Het zand nog strak en onaangetast. Zelfs het plaatje met het tuinhuis, de stoelen en de mensen in de zon is identiek. Alsof je voor de gek wordt gehouden, je gaat bijna aan jezelf twijfelen of je dit echt al eerder hebt gezien. En terwijl ik doorrijd denk ik; afgelopen week is er van alles gebeurt op de hele wereld waarover wij ons druk maakten, maar op dit plekje heeft de tijd voor tenminste een week, stilgestaan.

Liever luisteren?

Zaterdagmiddag

Duister die sneller invalt
door dreigend donkere wolken
Bootjes voortgesleept in stuwend zwart water
molen in groen als baken langszij.
Een fietser in grijs
op glinsterend glimmend wegdek.

“Ik ga hier nooit meer weg”, flitste het in mijn hoofd. Terwijl ik doortrapte op die donkere namiddag, had ik de wind in de rug en ver vooruit kijkend zag ik de contouren van het Fort. Het water links, grasland rechts. Het is niets bijzonders en toch gaf het een fijn gevoel van vrijheid om daar op dat moment te zijn met dat uitzicht. Deze polder is niet per se wereldschokkend mooi. Verstedelijking rukt op en de economie waarop deze grote gemeente draait, is het belangrijkst. Voor cultuur en besef van erfgoed moet je in de provinciale hoofdstad zijn. Het winkelcentrum is zielloos en alle inwoners zijn import, want het getemde land waar ik fietste, was ooit een allesverslindende woeste waterwolf.
Het opgewekte gevoel hield aan en ik sloeg rechtsaf de dijk op en passeerde het Fort.
Een rit die ik al zo vaak gemaakt heb, in alle seizoenen van ook voorgaande jaren. Waarom nu? Wat maakte dat mijn hersens concludeerden dat dit mijn woonplaats zou blijven? Ongetwijfeld zal het vooruitzicht dat ik het laatste stuk vol tegen de wind in moest niet aan die gedachte hebben bijgedragen. Waren het de laatste herfstkleuren, of de dreiging van een heftige stortbui?
Of was het omdat ik op weg was naar huis, waar ik me omringd weet door liefde, mijn fijne thuis?

Zomaar een zaterdagmiddag
Beeld als een boekomslag
Nog te schrijven verhaal
waarin je verdwijnen mag.

Foto door Maria Tyutina op Pexels.com

Liever luisteren?

Overpeinzing voor beweging

Daar liep ze, de mevrouw met hardloopschoenen aan en iets wat waarschijnlijk een sportbroek was maar eruit zag als een gevlekte zwarte spijkerbroek. Het had ook kontzakken.
Van hardloopkleding heb ik nooit zo veel meegekregen, laat staan dat ik nu zou weten wat fashionable is in rennersland. Hoe dan ook, ze viel op. Met name omdat het er allemaal zo ongemakkelijk uitzag.
De soepele tred van de hardloper die ik drie weken geleden inhaalde, was bij deze dame nog in geen velden of wegen te bekennen. Tjonge, wat rende die man snel. Ik moest echt moeite doen om hem te passeren, op mijn fiets welteverstaan. Het was behoorlijk spectaculair te zien hoe hij voortbewoog. De cadans, het neerzetten van zijn voeten, het bovenlichaam recht en de armen langszij, zonder gebalde vuisten. Dit was een geoefend en goed getraind loper. Een atleet.
Dan deze mevrouw. De voeten werden onregelmatig neergezet. Hoorde ik een lichte sleep?
Voorovergebogen alsof ze zich in stormachtige tegenwind bevond terwijl het uitgerekend vandaag bijna windstil is. Het tempo lag laag. Iemand die hard loopt, had haar kunnen bijhouden.
Maar hé, commentaar leveren is makkelijk. Zij deed het tenminste.
Voor iedereen die de eerste stappen heeft gezet in het hardlopen of überhaupt bewegen: groot respect. Je bent begonnen en je doet het voor jezelf.
Veel plezier en genoegdoening gewenst met je ontspanning door inspanning.

Liever luisteren?

Foto door Philip Ackermann op Pexels.com

Blue Monday

Wat een ochtend! Eerst een bloedmooie wolfsmaan gezien en daarna bij het intreden van het daglicht op pad.
Het zicht is zo helder dat je bijna vergeet dat het vorige week grijs en grauw was. De bomen en het gras zijn wit van het rijp, de eenden en ganzen vinden hun zwemwater bij de afvoerbuizen in de bevroren sloot.
De weg die je dagelijks aflegt, wetend wat komen gaat na de volgende bocht, het is anders nu, rijdend door dit sprookjeslandschap.
Fietsen gaat heel licht, het voelt windstil, je hoeft nauwelijks te bewegen om snel vooruit te komen.
De eerste minuten is het even wennen als de kou aan je gezicht kleeft. Deze frisheid is bijna geestverruimend. Op straat is het opvallend stil, zodat je ongestoord kunt mijmeren terwijl je voortgaat. Zou iedereen net zo onder de indruk zijn als ik?
Bij iedere omwenteling van de trapper word ik energieker en vrolijker. Als verliefdheid. Ja! Zoiets.
In die stemming, op deze ochtend, wenste ik dat het altijd Blue Monday mocht zijn.